Koud

Het was vorige week zo koud, de wind was zo guur. Voor mijn gevoel liep ik al vele maanden rond met mijn sjaal en handschoenen. Het geld van die dure, maar mooie wanten heb ik er tenminste wel uit. Je zou toch zeggen dat de kou de griepvirussen zou opslokken. Toch hoesten en proesten we zelfs in deze kou gewoon lekker door.

De mieren vonden het zelfs te koud en kropen met groten getale door kleine gaatjes bij ons naar binnen. Toen ik 's morgens beneden kwam liepen ze verwilderd heen en weer op mijn aanrecht.

,,Wat? Sorry, ik weet dat jullie het ook koud hebben maar dit gaat te ver", riep ik in het wilde weg. Niemand leek notie te nemen van mijn hysterie. Er keek amper iemand op van zijn iPad.

Mijn creatieve geest ging wel aan de slag. De gaatjes werden dichtgestopt met saté prikkers. Helaas, deze mieren hadden de helse overlevingstocht naar binnen, niet overleefd.

De dieren hebben het ook koud. Dus uiteraard voerde ik de vogels bij. De grotere en sterkere vogels jagen de schattige kleintjes weg. Hopelijk overleven de zwakkeren deze strenge winter of beter gezegd deze strenge lente. In de natuur is het baas boven baas; het roodborstje maakt plaats voor de merel, de ekster jaagt de merel weg en als er een kraai om de hoek komt kijken maken ze allemaal plaats en moeten ze zich tevreden stellen met de restjes.

Als ik het zo benoem zie ik dat ritueel ook terug bij ons in het gezin. De oudste zoon is de baas, dat is heel duidelijk, ook al is hij kleiner dan zijn broertjes. Hij mag het plekje voorin de auto. Geen discussie. Als een broer vervelend doet, dan corrigeert er een oudere broer. Deze rangorde ging gewoon door toen het een samengesteld gezin werd van zes jongens. Laat je vlees niet te lang op je bord liggen, er is altijd een sterkere die de loer ligt. Puur natuur. De jongste krijgt dan de onvoorwaardelijke steun van mij. Al is hij ook zeker wel ergens de baas hoor, hij is immers de baas over zijn kamer.

Met deze kou konden we, jippie, schaatsen. Ik was niet goed voorbereid, de kinderschaatsen bleken alweer te klein. Via de nextdoor mailgroep waren onbekende buren zo lief geweest om te klein geworden schaatsen aan te bieden. Fantastisch, met gratis noren, van attente onbekende buren, gingen wij op pad. Het ijs kraakte, het was koud maar het was heerlijk. Te lang geleden. Het ging, met vallen en opstaan.

Er werd een foto gemaakt, dit moesten we vastleggen. Want wanneer zou de volgende keer zijn? Het schaatsen op noren bleek moeilijk. Het werd zwoegen en zweten in thermo-ondergoed. We ontdekten een bevroren kikker op het ijs. We bestudeerden het beestje vol ongeloof. In zijn kikkersprong bevroren.

Na een krap uurtje was het genoeg, genoeg kou gehad.

Tijd voor nieuw leven, tijd voor de lente.

Bianca van der Linden-Snel.