Kei 'n roll: Amersfoortse broertjes laten hun stad muzikaal ontwaken

Begin volgend jaar zal een documentaire te zien zijn over de rijke en tegelijk kleurrijke geschiedenis van de Amersfoortse popmuziek. Een documentaire die in tal van plekken in de stad vertoond zal worden. In de serie Kei 'n Roll wordt alvast een aantal kleurrijke artiesten belicht. Zij waren de alarmschijven van de stad die voor arbeidsvitamine, vrolijkheid en meedeinders zorgden. We gaan terug naar 1956. The Butterflies.

In 2016 is het zestig jaar geleden dat Amersfoort eindelijk een toontje meezong als popstad. Zeker toen het saffiertje door de groef ging van het nummer 'Dixieland' van The Butterflies. Slaperig Amersfoort ontwaakte. Maar er gebeurde meer.

Twee jaar later had dezelfde Amersfoortse groep met 'Willem word wakker' zelfs de muzikale en jeugdige warmte in de ether gebracht die zelfs de droeve naoorlogse jaren deed verdampen. De zwart-witfoto op de platenhoes van deze single typeert nauwgezet de sfeer van de jaren '50. Twee jongens, keurig in het pak en volop in de schijnwerpers tegen een wit decor. Het levert een spannend schaduwspel op. Links op de foto staat een jongetje. Een en al jeugdige onschuld. Rechts van hem kijkt een wat slungelachtige tiener met een bril in de lichtbron. Ze toveren een geregisseerde lach op het gelaat. Beiden hebben een opengesperde rechterhand naast hun gezicht gezet waarbij de duim de rechtervleugel van het vlinderdasje subtiel omhoogtilt. De vlinderdas was in die tijd het kenmerk van de zondagse kleinburgerlijkheid en tegelijk de handtekening van de The Butterflies, een jong Amersfoorts zangduo bestaande uit Luc en Godert van Colmjon. Zij zouden uitgroeien tot de eerste jeugdsterren van Nederland. De platenhoes bevatte de single 'Willem word wakker'. Het is de nazomer van 1958 als deze release in de platenzaak voor een flinke en langdurige indian summer zal veroorzaken. Qua hitgevoeligheid is dit ronde en gitzwarte vinyl de opvolger van de 'wereldhit' 'Dixieland' waarmee dit duo debuteerde.

RIJKSDAALDER „Het naoorlogse Amersfoort verkeerde nog in slaapstand", blikt Luc terug op een tijd toen hij en zijn bijna vier jaar jongere broer Godert opgroeiden in een warm gezin dat gehuisvest was in de Bloemendalse Binnenpoort. In deze periode dreven net als bij vele andere Nederlanders donkere wolken boven het gezin Van Colmjon „We hadden het niet bepaald breed. Mijn vader kon moeilijk werk vinden en als hij eenmaal werk had, stond daar een karig salaris tegenover. Aan muzikaliteit kwamen we thuis niets tekort. Mijn twee broers, m'n moeder en ik stortten zich regelmatig meerstemmig in liederen. En mijn vader zat achter de piano." Op enig moment werden Luc en Godert die als The Butterflies door het leven gingen, gevraagd om op verjaardagpartijen te zingen. Of in gelegenheden als hotel restaurant Terminus. Met meedeinende niemanddalletjes van bekende artiesten als Eddy Christiani en Max van Praag masseerde het duo met 'She'll be coming round the mountains' en 'Ouwe taaie' de trommelvliezen van het publiek. Optredens die gauw een rijksdaalder opleverden „Ik begeleidde de liedjes met de ukelele die ik in plaats van een veel duurdere gitaar van de Sint had gekregen", bekent Luc die voorts vertelt dat het duo in 1956 werd ontdekt door Keimpe Koopmans, een enthousiast redacteur van de Amersfoortse Courant. „Hij belde met Phonogram in Hilversum en een week later tekende Godert en ik, met permissie van onze trotse vader, een platencontract. In datzelfde jaar stegen we naar een tweede plaats in de hitlijst van het Nederlandse hitblad Tuny Tunes met 'Dixieland 'waarmee we 'Muskrat Ramble' coverde van Louis Armstrong and his Hot Five. De tekst was bedacht door Pierre Wijnnobel en de muzikanten die ons ondersteunden waren onder meer de trompetisten Jerry en Ack van Rooijen, drummer Cees Kranenburg en gitarist Wim Sanders. Muzikanten die ons blijvend in de studio zouden begeleiden."

De grauwsluier die boven het naoorlogse Nederland hing, leek met 'Dixieland' die 45.000 maal de kassa deed rinkelen, aardig te verdampen. Het leverde hen 5 cent op per verkocht exemplaar. En dat was in die tijd beduidend beter dan de Blue Diamonds die een televisietoestel kregen voor nota bene het nummer 'Ramona'. De optredens van de Amersfoortse broertjes, zoals ze toentertijd werden genoemd, deden daar nog een schepje bovenop. Godert was toen dertien en moest bij optredens op een kistje staan om door dezelfde microfoon te kunnen zingen als de toen veel langere Luc.

EVERLY BROTHERS Twee jaar later knalde het weer in de hitlijst. Na een paar minder succesvol singletjes als 'Kaik kaik, de gait van Piet' en 'Loekie op z'n ukie', leverde het duo het singletje 'Willem wordt wakker' af op de melodie van 'Wake up little Suzy' van de Everly Brothers. „De opnamen verliepen stroef", blikt Luc terug. „Zo zat gitarist Wim Sanders bijvoorbeeld behoorlijk te zweten om een goede riff te spelen die het nummer inleidt." Dit moment grijpt Luc zelf aan om de riff op zijn luchtgitaar na te spelen. „Na enige tijd was hij gereed om het nummer met zang te repeteren. In één take stond het op de geluidsband. Toen het nummer werd uitgebracht stond het in no-time in de hitparade. Hoger dan de elfde plaats kwam het nummer echter niet. Maar onze populariteit was er niet minder om. We hebben tal van handtekeningen uitgedeeld. Eén meisje wilde zelf een handtekening van ons op haar bovenbeen. Daarnaast hebben we in alle theaters van Nederland gestaan, zoals in het Concertgebouw in Amsterdam. Het publiek kreeg de jeugdige spontaniteit, vrolijke onschuld en heldere jongenssopraan van Godert voorgeschoteld. Maar ook in België hebben we een paar keer opgetreden. We hadden zelf de mogelijkheid om in Zuid-Amerika een tour te maken. Maar dat blies ik af. Ik zat op de Rijkskweekschool. Een opleiding die ik zelf via de opbrengst van de hits financierde. Ik wist dat het artiestenbestaan eindig zou zijn. En daarom ben ik verder gaan studeren. Godert was bovendien niet in de wieg gelegd voor de amusementswereld. De angst als hij weer eens voor een theaterzaal gevuld met volwassenen 'in de etalage was gezet' ging meer en meer de boventoon voeren."

In 1962 traden The Butterflies, die in totaal 22 singletjes maakten, voor het laatst op in het Stadstheater in Apeldoorn. Godert is niet eens zo lang geleden overleden en Luc geniet van zijn pensioen na een carrière in de hoger onderwijs. Het nummer 'Willem word wakker' is overigens vele malen gebruikt, zoals in een reclamespot van Heineken en als djingle bij Radio Veronica. „Nog steeds maakt het nummer mensen vrolijk. Misschien hebben we het naoorlogse Amersfoort met ons repertoire wakker geschud. Had het dan toch 'Amersfoort wordt wakker 'moeten heten? Wie weet.

foto Luc van Colmjon: 'Een meisje wilde zelfs een handtekening van ons op haar bovenbeen.'