• Cor Tieleman: „De dieselmotor is net als Feyenoord in de recente bekerfinale. Als hij eenmaal warm is, dan is er geen houden meer aan."

    Arjan Klaver

Serie: Rotterdams echtpaar kijkt ogen uit in Eemhaven

Cor (75) en Janny (73) Tieleman liggen voor het eerst met hun boot in Amersfoort en praten over oeverrot, majum, Rotterdamse hoek en Feyenoord. Een eerste verhaal uit de rubriek Scheepberichten.

Arjan Klaver

De watersportbranche, die een belangrijk onderdeel is van de economie, heeft de stormbal gehesen. Jaar op jaar lopen de inkomsten terug. Met name jongeren hebben minder interesse in de watersport. Ze willen zich niet hechten aan het bezit van een eigen boot. Enerzijds heeft dit te maken met de hoge kosten. Aan de andere kant willen zij hun vrije tijd zo flexibel mogelijk invullen met andere vakanties. De vleugels uitslaan met een intercontinentale vlucht is hot.

De Nederlandse watersport vergrijst. In de Eemhaven is het beeld niet anders. Nu de overwinteraars in de Eemhaven plaats hebben gemaakt voor de bedoeïenen of kwartiermakers van de zomer, schuilt in de meeste gevallen een pensionado onder de blauwe schipperspet.

GEDOE „Onze kinderen hebben ook niet zoveel zin in al dat gedoe op 't majum", steekt Cor Tieleman uit Krimpen aan den IJssel met een Rotterdamse tongval van wal. Hij is met zijn vrouw Janny eigenaar van een 10 meter lange, homemade kajuitjacht die ze veertig jaar geleden hebben gedoopt in Janco. Om het bouwpakket te kopen, moesten ze hun elf meter lange caravan verkopen. Daar had Janny moeite mee. Kon ook niet anders. De kinderen wilden niet meer mee naar de boerencamping in Zundert. 'Weg met die hut', zei hij op een dag tegen Janny. En dat gebeurde. Het gevolg was wel dat Cor met mijn ziel onder mijn arm liep. „Ik ben gaan zoeken naar een recreatiealternatief. We hebben iets met water. Janny is schipperskind en ik stond al op 13-jarige leeftijd achter het stuur van een bakdekkruiser die eigendom was van mijn oom. Hij sprak alle talen, maar had twee linkerhanden. Dankzij mijn oom raakte ik verslaafd aan het water. Ik hakte de knoop door. De luxe caravan werd ingeruild voor een bouwpakket dat uiteindelijk een boot moest opleveren."

Janny had toen wat moeite met de beslissing van Cor „Je mag best weten dat ik een paar dagen humeurig ben geweest", bekent Janny. „Toen ik het bouwpakket zag, dacht ik echt dat we de opbrengst van een praktisch kakelverse caravan hadden ingeruild voor een hoop roest. Ik moest er niets van weten." Haar teleurgestelde gevoel trok bij toen de boot in 1976 voor het eerst in aanraking kwam met de nationale wateren. „De caravan was 11 meter lang. De boot is 10 meter. We zijn dus één recreatiemeter geslonken."

HENK WERY In 1976 was de Janco vaarklaar. De ophokplicht van de paardenkrachten in de krachtige zescilinder DAF 475 kon worden opgeheven. Cor heeft een mooie vergelijking paraat als 'zijn' oliestoker in beweging komt „De dieselmotor is net als Feyenoord in de recente bekerfinale. Als hij eenmaal warm is dan is er geen houden meer aan."

De Tielemannetjes hebben tot nu toe met veel genoegen gevaren. Slechts in een enkel geval belandde hun onderlinge relatie in de weegschaal. Dat was op het Hollands Diep toen het weer in een keer omsloeg. Harde wind zorgde voor de nodige golfslag. En deining bij het echtpaar. „Hij stuurde de boeg volop in de koppen", legt Janny uit. „Het was vreselijk. Ik heb ook gelijk gezegd dat ik dit nooit meer wilde meemaken. Dat gebeurde ook niet."

De lach op het gezicht van Cor is veelbetekenend. „Ze was inderdaad heel bang. Maar goed, de mooie plekjes die we daarna op en langs het water ontdekten, hebben een hoop vergoed. Nederland is op en langs het water prachtig. We zijn nagenoeg overal geweest."

Des te opmerkelijker is dat het echtpaar nog nooit langs de Rotterdamse Hoek is gevaren. De Rotterdamse hoek dankt zijn naam aan de aanvoer van puin van het Duitse bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940. Dit puin is na het Duitse schandaal afgevoerd per schip en onder andere naar deze oeverlijn van de Noordoostpolder vervoert. Het puin is gebruikt voor de afwerking van de 5,5 kilometer dijk boven Urk. „Daar ligt ook het puin van mijn geboortehuis dat ooit in de Rubroekstraat in Crooswijk heeft gestaan", aldus de schipper.

Hij heeft meer redenen om deze hoek snel te passeren. Als watersporter weet hij dat de Rotterdamse hoek een beruchte plek is voor scheepvaarders. Diverse schepen zijn in dit gebied in moeilijkheden geraakt. „Er wordt gesuggereerd dat het 'spookt' op deze plek", weet de geboren Rotterdammer die overigens voor het eerst met zijn boot in Amersfoort ligt. De stad waar Feyenoorder Henk Wery is geboren.

„We nemen altijd onze fietsen mee, zodat we meer kunnen zien dan een haven. Ik kan me ook niet voorstellen dan je dag in dag uit vanuit het raam naar deze roestige damwand moet kijken die deze gemeentehaven siert. Kijk, ik heb in mijn werkzame leven heel wat van dit soort stalen damwanden geslagen. Het bovenste stukje waar we nu naar kijken, hadden ze destijds moeten bewerken met coating. Het ziet er dan een stuk vriendelijker uit. Nu lijkt het op oeverrot. Dat roesten gaat maar door. Aan beide kanten, overigens. Dat geldt ook voor het stalen profiel aan de bovenzijde. Degene aan wie dit werk destijds is uitbesteed, had het in de gaten moeten houden. Maar voor rest maakt deze haven een uitnodigend indruk. Oh, ja, de studentenwoningen zien er ook niet uit."

VERKOOPBORD Beiden genieten oneindig van hun vaarvakanties. Ze beseffen dat er een keer een einde komt aan het recreëren op het water. Omdat hun kinderen niet opgescheept willen zitten met deze boot, is er straks slechts een uitweg die het echtpaar moet kiezen: het verkoopbord. Cor bekent dat er al geïnteresseerden zijn geweest.

Zoals een paar jaar geleden in de omgeving van Amsterdam. „Er was toen een man die vanaf de oever riep wat ik voor die boot moest hebben. Ik had zijn accent al snel door en wimpelde het bod snel af. Ik verkoop deze boot niet aan een fan van Ajax."

Janny moet erom lachen. „Cor heeft meer dan veertig jaar in het heiwerk gezeten. Door al dat lawaai hoort hij, ondanks zijn grote oren, niet meer zo heel goed. Maar als het hem uitkomt, is Cor Oost-Indisch doof. Feyenoord zit in zijn hart, weet je. Een bakkie pleur?" Cor knikt bevestigend.