• De sloop van de unieke Koppelpoort kon worden voorkomen.

140 Jaar OVF voor het voetlicht

AMERSFOORT Dit jaar viert de Oudheidkundige Vereniging Flehite (OVF) het 28e lustrum. Dat feit zal niet onopgemerkt voorbij gaan. Als grondlegger van het gelijknamige museum wordt sinds jaar en dag behoorlijk aan de weg getimmerd met zaken als het prachtige kleurenmagazine 'Kroniek'over historisch Amersfoort, een maandelijkse elektronische nieuwsbrief, een mooi jaarboek en interessante lezingen. 

Aflevering 1: 'De Koppelpoort gered'

Jan Carel van Dijk

Maar in 2018 wordt ook stilgestaan bij de geschiedenis van de vereniging zélf. Onder andere door een bijzondere tentoonstelling in het Eemhuis, die op 11 juni opent. In deze krant zal in een aantal afleveringen beschreven worden wat de OVF zoal deed en doet.

OORPSPRONG Het begon allemaal in 1878, toen in historie geïnteresseerde Amersfoorters naar de Leusderhei gingen in de verwachting er archeologische vondsten te kunnen doen. Inderdaad trof men er het nodige aan zodat de basis van een vereniging en een museumcollectie kon worden gelegd. Spoedig breidde men het werkterrein uit en kwam er ook belangstelling voor recentere aangelegenheden die met Flehite (een oude naam voor het noordoosten van de Provincie Utrecht) te maken hadden. Amersfoort speelde daarbij een hoofdrol, mede vanwege de unieke oude binnenstad. Veel prachtige panden werden echter ernstig bedreigd en van formeel georganiseerde monumentenzorg was eind negentiende en begin twintigste eeuw nog nauwelijks sprake. De vereniging sprong in dat gat.

KOPPELPOORT Eén van de eerste objecten waaraan speciale aandacht werd besteed was de Koppelpoort. Thans niet meer weg te denken, maar gezien de bouwvallige staat destijds voor de gemeente een blok aan het been. Onderhoud had al geruime tijd niet of nauwelijks meer plaatsgevonden en sloop werd daarom menig keer serieus overwogen. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat de OVF er aanvankelijk ook niet zo veel heil in zag, maar het leuke van een vereniging is dat er gemakkelijk levendige discussies ontstaan en initiatieven kunnen worden ontplooid. Waar restauratie voor de gemeente geen haalbare kaart meer leek, vonden meerdere leden het de moeite van het proberen waard om dan zelf maar fondsen te gaan werven. Op 15 november 1884, dus amper zes jaar na de oprichting van de OVF, werd een 'Commissie tot verzameling van gelden voor de restauratie van de Koppelpoort' in het leven geroepen. De leden ervan gingen voortvarend te werk. Naast wervende flyers die resulteerden in aanzienlijke donaties, wisten ze zowel stadsarchitect Willem Hendrik Kam alsook zijn beroemde collega Pierre Cuypers te interesseren. Cuypers, vooral bekend geworden door zijn ontwerpen van het Rijksmuseum en het Centraal Station te Amsterdam, bood uiteindelijk geheel gratis zijn diensten aan. Mede dankzij deze kundige bouwmeesters, maar vooral ook de Oudheidkundige Vereniging Flehite, kunnen we nu nog steeds genieten van de unieke gecombineerde water- en landpoort die het begin van de Eem markeert en vanuit de vele treinen die er langsrijden een mooi visitekaartje van de stad.