• Het college wil de woningnood aanpakken.

    Robert Vos / BDU

Wethouder Tigelaar: op de bres vóór betaalbare woningen en tégen speculanten

AMERSFOORT Wethouder Menno Tigelaar stelt voor om vaart te maken met het bouwen van woningen voor de middeninkomens. In een brief aan de gemeenteraad laat hij weten dat er in Amersfoort tot en met het jaar 2030 ten minste drieduizend nieuwe woningen voor deze inkomensgroep bij moeten komen.

Jeroen de Valk

Maar daar blijft het niet bij. Tigelaar wil hoe dan ook voorkomen dat speculanten deze huizen opkopen en - eventueel na een kleine opknapbeurt - terug in de markt werpen voor de maximale prijs.

De huizenbazen moeten er zodoende voor zorgen dat de 'middenwoningen' voor de duur van twintig jaar voor deze doelgroep beschikbaar blijven. Ze mogen de huur niet meer verhogen dan met de inflatiecorrectie en 1,25 procent. Wie een middenwoning koopt, moet er zelf gaan wonen voor de duur van tien jaar. Nieuwe koopwoningen die tot 260.000 kosten, mogen gedurende het eerste jaar niet worden doorverkocht. En, om de verdeling zo eerlijk mogelijk te laten verlopen: de woningen worden via loting toegewezen.

'BOTERZACHT' Bij 'middeninkomens' wordt gedacht aan huishoudens die bruto vanaf 36.000 euro verdienen. De huurprijzen bedragen bij het betrekken van een woning ongeveer 720 tot 1050 euro. Tigelaar ziet graag dat twintig procent van de nieuwe woningbouwprojecten wordt gereserveerd voor deze groep.

De VVD liet al weten dat het projectontwikkelaars niet met al teveel regels wil opzadelen. Het gevaar zou bestaan dan bouwbedrijven de stad uit worden gejaagd. De SP betoogde juist dat dergelijke voorschriften 'boterzacht' zijn, aangezien er uitzonderingen kunnen worden gemaakt. Het al eerder genomen raadsbesluit dat een derde van de nieuwe woningen naar de sociale huur moet gaan, is ook niet bepaald in beton gegoten. Bij plannen voor de Wagenwerkplaats en de Vreekamp-garage komen respectievelijk minder en geen sociale huurwoningen voor. De verwachting is bij de SP dat de norm voor middeninkomens niet veel meer dan een suggestie zal blijken.

Tigelaar schrijft alvast dat de twintig procentnorm aan de voorzichtige kant is; de werkelijke behoefte zou zeker 25 á 30 procent bedragen.